HEIMWEE NAAR NU

Met z’n vijven zitten we aan tafel – borden bijna leeg, glazen halfvol, kaarsen aan. Onze kinderen, zo jong en oud als ze zijn, kunnen er wat van: vol verhalen zitten ze over hun dag. Over leuke dingen, stomme dingen; van alles – groot en klein – komt voorbij. Pesten kunnen ze elkaar ook: dat het sneller kan, de clou, of dat ze raar eten, gek praten, of …

Wat volgt is een hoop gegiechel en gedoe. En ik geniet.

Ik kijk naar mijn echtgenoot, en vang de blik in zijn ogen. ‘Sta je al op de top van de berg?’, vragen ze

Hij kent me. Wordt geluk me te veel, dan schiet ik in een kramp. Bevangen door angst om van die piek te donderen. En te verliezen wat me zo dierbaar is.

Zo wapen ik me tegen onheil, lijkt het. Maar druk tegelijk mijn pret. Waarom niet schaamteloos en onbevangen al het moois opslurpen?

Ik heb het me vaak afgevraagd. En weet inmiddels: me schrap zetten tegen de kramp werkt averechts, en kost nóg meer energie.

Wat helpt, is: herkennen, toegeven. Zoals ik nu doe, tijdens de blikwisseling met mijn lief.

‘Ah, daar is-ie weer: de heimwee naar nu’, weten we. En glimlachen allebei.

Wat ben ik toch een bofkont.

 

 


Meer lezen over veerkracht en persoonlijke groei? Klik op de links onder ‘categorieën’ of check deze blogs: