Portie Veerkracht – deel 10: ‘Mét emoties is mijn leven niet makkelijker, maar wel rijker geworden’

· · · | 'Portie Veerkracht' - interviewreeks · Persoonlijke groei | 15 Reacties op Portie Veerkracht – deel 10: ‘Mét emoties is mijn leven niet makkelijker, maar wel rijker geworden’

Ik moét de serie ‘Portie Veerkracht’ wel voortzetten; naast de enthousiaste reacties, komen er zulke bijzondere mensen op mijn pad die ik mag interviewen over de klappen in hun leven en hoe ze die hebben opgevangen.

 

Deze keer het verhaal van psychiater en euthanasiearts Gerty Casteelen (1946), die na een ‘chaosjeugd’ leerde leven op verstand. Totdat ze het vanaf haar 42e aandurfde om ook te gaan voelen.


‘Twee weken na het overlijden van mijn echtgenote, hielp ik alweer een patiënt met euthanasie. Dat is hoe ik ben: ik heb veel levenslust en wil graag mensen bijstaan. Toen we net afscheid hadden genomen van mijn vrouw Meta, heb ik eerst vier uur op de bank gezeten, wezenloos voor me uit starend. Niks is ook maar niks, realiseerde ik me. De laatste maanden van haar ziekte hadden we zo intensief samengeleefd, nu voelde ik dat ik het leven weer moest oppakken. En voortzetten waar ik in geloof, en dat is mensen helpen om hun weg in het leven te hervinden. En als dat echt niet meer gaat, om waardig te sterven.’

 

Zelf ben ik altijd als de dood geweest voor de dood

 

‘Terwijl ik die natuurlijk vaak genoeg voorbij zag komen in de ziekenhuizen waar ik werkte. Geregeld werd ik in vertrouwen genomen door terminale patiënten. Dan zag ik van dichtbij hun worsteling, maar ook hoe berustend zij konden worden, en zelfs naar verlossing gingen verlangen. Een mysterie vond ik het, en nog steeds. Maar liep ik er in mijn jongere jaren het liefst van weg, later ben ik het dichterbij gaan halen, onder meer met mijn werk voor de Levenseindekliniek*.’

 

‘Niet alleen mijn overtuiging dat iedereen zelf moet kunnen beslissen over zijn dood motiveert me daarin, maar ook mijn liefde voor het leven. Want wat mensen vaak vergeten, is dat we bij de Levenseindekliniek niet zomaar langs komen met een spuitje. Met intensieve begeleiding doen we er juist heel veel aan om mensen met een doodswens in leven te houden – door naar hen te luisteren, met hen te praten, mee te denken, hun leed te doorgronden. Zeker als het om psychisch lijden gaat, is dat een ingewikkeld en vaak eenzaam proces. Ik ben dankbaar dat ik patiënten met mijn ervaring als arts en psychiater daarin kan bijstaan.

 

Wat helpt in dit werk, is dat ik bij stress heel rustig word. Dat heb ik mezelf al jong aangeleerd

 

‘Mijn ratio neemt het dan over, waardoor ik helder kan denken. Kennelijk is er ergens een moment geweest dat ik heb besloten: “je houdt alle gevoel eronder; je doet het met je verstand”. Dat heeft met mijn jeugd te maken. Mijn familie is een puzzel, die zelfs mijn beste vrienden nog steeds niet vatten. In het kort kun je zeggen dat ik uit een los-zand-gezin kom, gebouwd op onmacht en pijn.’

 

Veilig

‘Toen ik geboren werd, had ik geen ouders. Of liever gezegd: geen ouders die bij elkaar waren. Mijn vader was al met een andere vrouw een gezin aan het stichten; mijn moeder overleefde met andere mannen. Ik deel dezelfde vader en moeder met een oudere zus; daarna zijn er aan weerskanten vier halfbroers en een zusje bij gekomen. De eerste tien jaren groeide ik als enig kind op bij opa en oma van vaderskant. Mijn eerste herinneringen zijn aan oma’s bed, met alleen maar dekens. Daar voelde ik me veilig.’

 

‘Verder was mijn jeugd vooral chaos. Op mijn tiende haalde mijn vader me naar zijn gezin, maar daar kon ik niet aarden. Ik liep weg, terug naar mijn grootouders. Maar toen was de politie inmiddels gealarmeerd, waarna de rechter me aan mijn moeder toewees. Het was een bizarre situatie, want ze had intussen een nieuwe man en een nieuw kind, en al gauw kwam er weer een nieuwe man, die ook nog eens agressief was, en nog een kind.

 

Het was puur overleven wat ik in die tijd deed. Toch redde ik me goed

 

‘Ik leerde voor mezelf te zorgen, deed trouw het huishouden terwijl mijn moeder alsmaar werkte. En ik zie me nog stoïcijns naar de overkant lopen om in een winkel de politie te bellen, als de man van mijn moeder weer eens uit zijn dak ging. School gaf me intussen veiligheid, structuur en zelfvertrouwen, net als de padvinderij waar ik me al jong als Akela bij aansloot.’

 

‘Daar leerde ik mijn eerste levensgezel kennen. Hij kwam uit een hecht gezin, dat als een warm bad voor me voelde. Ik vond er een thuis. In 1970 trouwden we, en hadden het goed als bewust kinderloos echtpaar. Mijn man wilde per se geen kinderen, en ik vond dat toen best zo; we waren al zo druk met van alles. Hij gaf les op een middelbare school, ik combineerde werk in een laboratorium met een avondopleiding tot analiste, waarna ik met mijn diploma op zak in een ziekenhuis aan de slag ging. Totdat ik op mijn dertigste genoeg geld had om te gaan doen wat ik al zo lang wilde: geneeskunde studeren. De studie ging als een speer, ik was zo gemotiveerd; in mijn derde jaar was ik al student-assistent. Ik specialiseerde me in de neurologie, maar werd op mijn 42e met een klap wakker geschud uit mijn dromen. Want ik was volledig opgeleid, maar er was geen baan te vinden in mijn richting.’

 

Dat jaar werd een breekpunt in mijn leven. Ik was onzeker over de toekomst van mijn carrière en mijn huwelijk wankelde

 

Mijn man en ik waren gewend om elkaar redelijk vrij te laten in onze seksuele contacten en daar open over te zijn, maar nu wilde hij met een vriendin op vakantie. Dat was voor mij de grens, het voelde zo onveilig. Ik wilde niet delen, terwijl hij dat op zijn beurt heel goed kon. Ik was bijvoorbeeld al eens in een relatie beland met een vrouw en dat vond hij prima. Met mijn jaloezie was ík duidelijk de beperking, en dat was heel verwarrend.’

 

‘We zijn in therapie gegaan, samen en ik alleen. Ik ben aan het bikken geslagen in mijn ziel. Niet langer kon ik ontsnappen aan mijn hechtingsprobleem, noch aan het gemis van een moeder. “Niet zo gek dus, dat je meer op vrouwen valt”, signaleerde mijn therapeut droogjes. Ik was veel te kort gekomen in mijn jeugd en snakte naar liefde en veiligheid. En, alsof de duvel ermee speelde, vond ik die precies in deze rumoerige tijd. Ik was een nieuwe specialisatie gestart in de psychiatrie, en daar op de afdeling kwam ik Meta tegen. Meteen wist ik: dit is het definitieve einde van mijn huwelijk.’

 

‘Meta was alles wat ik niet ben: emotioneel, spontaan, sociaal, hecht met familie. En ze was er, tot mijn ontsteltenis, onvoorwaardelijk voor me. Onze relatie was ook pikant: ik was de specialist, zij de verpleegkundige, allebei ook nog eens vrouw én ik lag in scheiding met een man. Wat een commotie veroorzaakte dat.

 

En al dat voelen: ik wist niet wat me overkwam, dit was zo nieuw. Maar tegelijk was het ook zo duidelijk: we passen gewoon

 

‘Met al het vertrouwen waarmee ze in het leven stond, gaf Meta me de ruimte om mijn huwelijk op een goede manier af te sluiten en mijn rare jeugd onder ogen te zien. Dat ging met horten en stoten, hoor. Ik zocht, spitte en voelde me vaak verloren; alsof ik dobberde op een ijsschots, zonder enige grond aan mijn voeten. Maar Meta bleef bij me, mijn nieuwe werk was een schot in de roos, en in plaats van te verzuipen, kwam ik steeds meer bij mijn eigen emoties. Sindsdien weet ik dat gevoelens toelaten, je leven niet per se gemakkelijker maakt, maar wel vollediger, rijker. Met weliswaar meer lijden en kwetsbaarheid, maar ook met meer diepgang en echtheid.’

 

Ruimte in mijn hoofd

‘En zo konden we langzaam samen gaan bouwen, en begonnen we zelfs aan een gezin te denken. Meta was tien jaar jonger en wilde graag kinderen. En ik merkte: met haar wil ik dat ook. We vonden een donor, maar het is ons uiteindelijk niet gelukt om zwanger te raken. Dat is een groot verdriet geweest. Maar bij de pakken neer zitten, was niks voor ons. Dus ging Meta verder studeren. En deed ik wat ik gewend was: hard werken en het leven nemen zoals het komt. Plus: altijd blijven leren. Zo startte ik later ook weer een studie, kunstgeschiedenis. Wat een feest was dat. Nog steeds geeft kunst me ruimte in mijn hoofd.’

 

‘Ik ben blij dat ik de beperkingen van mijn jeugd onder ogen ben gaan zien en heb leren voelen. Maar daarmee was mijn “handicap”, zoals ik die maar ben gaan noemen, natuurlijk niet weg. Ik heb moeten leren leven met mijn drang naar liefde en het claimgedrag dat daar weleens bij hoort. Meta en ik zijn midden in onze relatie zelfs nog een aantal jaren apart gaan wonen, om elkaar wat ademruimte te geven.

 

Ook heb ik moeten leren vergeven, vooral mijn moeder

 

‘Dat zij nooit een moeder voor me was, heb ik haar lang kwalijk genomen. Maar hoe meer ik me geborgen voelde bij Meta, hoe meer ik mijn moeders onvermogen begon te zien en me realiseerde dat ook zij een dramatisch verleden met zich meedroeg, zonder moeder en met veel armoede. We hebben er nooit open over kunnen spreken, maar toen zij hulpbehoevend werd, kon ik wel voor haar zorgen. Praktisch dan, met Meta als emotionele brug tussen ons. Uiteindelijk is mijn moeder op haar negentigste gestorven met haar hand in de mijne. Die laatste fase heeft veel goed gemaakt. In al mijn rationaliteit ben ik haar zelfs gaan waarderen: ze heeft altijd hard gewerkt en gedaan wat in haar vermogen lag.’

 

Midden in het leven

‘In 2014 ging ik met pensioen in het ziekenhuis. Ik zou het rustiger krijgen, al zette ik mijn eigen praktijk en werk voor de Levenseindekliniek door. In diezelfde tijd hoorden we dat Meta eierstokkanker had. Na een jaar behandelen, leek het de goede kant op te gaan, totdat ze op een vakantie in Amerika hevige pijn in haar heup kreeg. Terug in Nederland, bleek de kanker ver uitgezaaid; er was geen redden aan. Daarna kon ze alleen nog maar op bed liggen, zo broos was ze. Gek genoeg, bewaar ik ook dierbare herinneringen aan die tijd. Ik ben een doener en verzorger, word bovendien nog steeds rustig op momenten van stress; en Meta bleef Meta: als altijd doortastend en liefdevol. We stonden nog zo midden in het leven, dat we besloten onze 28 jaar samen te bezegelen met een huwelijk. Op 1 juni 2016 zijn we getrouwd, met familie en vrienden erbij. Op 25 juni overleed ze.’

 

Met Meta’s dood is mijn drive als euthanasiearts om noodlijdende mensen zorgvuldig te helpen, alleen maar groter geworden

 

‘Ze leed ondraaglijke pijn en had een uitdrukkelijke euthanasiewens, maar die kregen we niet rond met de huisarts. Uiteindelijk heb ik ingestemd met snel oplopende pijnbestrijding. Meta kreeg zoveel morfine toegediend, dat we niet bewust afscheid konden nemen. Het zijn dertig nare laatste uren geworden, met veel heftigheid en zonder enig contact. Uitgerekt sterven noem ik het. Terwijl dat ook in vijf minuten en met een mooi ritueel had gekund, in het bijzijn van dierbaren.’

 

Geweten

‘Van de keuzes rond haar levenseinde heb ik een tijd last gehad. Door alle emoties toe te laten en er met mensen over te praten, heb ik mezelf kunnen vergeven dat ik haar geen waardige dood heb kunnen bezorgen. Wat blijft, is het grote gemis. Dat voel ik dagelijks, maar ik ervaar nu ook dat iemand kan sterven en tegelijk bij je kan blijven. Ik doe nu zoveel in de geest van Meta; ze is mijn geweten geworden. Vroeger had ik bijvoorbeeld nog weleens de neiging om asociaal te rijden; nu komt dat niet meer bij me op, omdat ik weet hoe stom ze dat vond. Zingeving vind ik in werk. Meta was mijn “rem”; nu werk ik weer eindeloos door, als ik niet oppas. Daarom ben ik extra alert op mijn sociale leven. Film, theater, muziek, filosofie, zang: daar laad ik mee op. En de dood? Daar ben ik weer wat minder bang voor geworden. Ik geniet nog steeds van het leven, voel me nodig voor patiënten en wil er het beste van maken. Maar als het voor mij eenmaal zover is, dan vind ik het – denk ik – best.’

 

 

Tekst en interview: Teus Lebbing, www.abrandnewstory.nl


*De Levenseindekliniek, opgericht door de NVVE in 2012, is een medische instelling voor zieke mensen die hun leven voltooid achten en euthanasie wensen, maar daarvoor om diverse redenen niet terecht kunnen bij hun (huis)arts. Voor meer informatie, zie: www.levenseindekliniek.nl

 

Over haar werk als euthanasiearts – nog steeds een omstreden thema in Nederland en daarbuiten – spreekt Gerty Casteelen in verschillende interviews. Zie en luister bijvoorbeeld:


 

Voor meer interviews in de serie, klik op: ‘Portie Veerkracht-reeks’

Meer lezen over wat contact met de oudste generatie je kan brengen? Eerder schreef ik:


15 Comments

Saskia says:

12 juni 2019 at 12:33

Jee Teus , wat een parel weer! Dank je wel!!!

Reply

Hennik says:

12 juni 2019 at 13:31

Een mooi openhartig interview met een vitale en moedige vrouw. Het drukt je ook nog weer eens op het feit dat de weg naar zeer gewenste euthanasie nodeloos omslachtig en daardoor eigenlijk mensonwaardig is.

Reply

Corrie says:

12 juni 2019 at 14:22

Het is weer een heel mooi verhaal !!

Reply

Sacha Simons says:

12 juni 2019 at 14:57

Prachtig! Hoe bijzonder om een vrouw die ik regelmatig zie, weinig spreek, zich via jou zó mooi laat kennen. Extra speciaal voor mij deze.

Reply

Jet says:

12 juni 2019 at 17:09

Dat was weer even flink slikken! Wát een verhaal, wát een prachtig en krachtig mens en hoe mooi weer opgetekend door jou!

Reply

Maaike says:

13 juni 2019 at 11:39

Schitterend, Schitterend, schitterend. Dankjewel Teus…!

Reply

Ingrid Hofstede says:

13 juni 2019 at 15:59

Prachtig Teus, dank voor dit verhaal, wat een “krachtige” vrouw!!

Reply

Marieke Uildriks says:

13 juni 2019 at 16:06

Wat is dat weer een prachtige portie veerkracht … impressive…

Reply

Nicoline says:

14 juni 2019 at 12:07

Mooi opgeschreven weer Teus!

Reply

Anita says:

17 juni 2019 at 10:56

pfew- wat een verhaal! en wat een ironie dat Gerty als euthanasiearts haar grote liefde geen zachte(re) dood heeft kunnen geven… ontroerd door al deze openheid en het mooie afscheid van de twee belangrijkste vrouwen in haar leven – al dan niet aanwezig…

Reply

Kim says:

17 juni 2019 at 14:57

WoW Teus, wat een prachtig interview, knap hoe je zo een verhaal in zulke mooie bewoordingen kan omvatten.

Reply

Huib says:

18 juni 2019 at 06:08

Met recht een portie veerkracht.

Reply

Gerard says:

23 juni 2019 at 18:08

Wat een bijzonder verhaal weer. Met verwondering en in verbinding gelezen over het leven van deze mooie vrouw.
Je schrijft met compassie, gevoel en zo zorgvuldig. Een prachtig document, inclusief de pijn en het verdriet van dit leven.

Fijn ook dat je de link naar de Wereld draait door hebt toegevoegd. Geeft nog meer kleur aan deze bijzondere vrouw.

Reply

Elke Veldkamp says:

24 juni 2019 at 08:31

Heel mooi verhaal ja, en ook heel knap geschreven. Dank voor het delen!

Reply

Inge Kroese says:

24 juni 2019 at 09:52

‘Sindsdien weet ik dat gevoelens toelaten, je leven niet per se gemakkelijker maakt, maar wel vollediger, rijker. Met weliswaar meer lijden en kwetsbaarheid, maar ook met meer diepgang en echtheid.’
Een prachtig levensverhaal, zo mooi opgetekend.

Reply

Leave a comment