HOEZO ZIJN OUDEREN NUTTELOOS EN DUUR?

Ik ben dol op kinderen, voel me prima thuis bij mijn eigen generatie, maar met ouderen heb ik echt iets. En dan maakt het niet uit of ze kwiek zijn, met mankementen kampen of hun geest verliezen.

Ik vind het gewoon allemaal grijze helden, bij wie een schat aan wijsheid te vinden is

Daarom verbaast het me hoe er doorgaans over ouderen gedacht wordt. En hoe politiek, zorginstanties en hulpverleners over elkaar heen buitelen in afstandelijke discussies over passende ouderenzorg. Alsof deze mensen alleen maar een last vormen voor de samenleving. En niets anders zijn dan ‘nutteloos en duur’ (zie: Volkskrant 22/10/16).

Sinds ik me heugen kan, hang ik aan de lippen van iedereen die oud en wijs is. Hun levenskracht raakt me: hoe ervaring hen gevormd heeft, hoe dat hun heden bepaalt en hoe ze hun toenemende kwetsbaarheid tegemoet treden. Want of ze dat nou manmoedig doen, met humor of juist bokkig en wrokkig:

Ik steek er altijd wat van op. Over hoe dat nou moet, leven. Of hoe juist niet

Wat dat betreft is mijn eigen moeder het beste voorbeeld. Toen ze op haar 74e al ruimschoots dementeerde, leerde zij mij over loslaten. Haar lichaam en geest deden al jaren niet meer wat ze wenste. Stap voor stap moest ze afscheid nemen van al dat haar zo lief was: haar boeken, haar auto, haar tennis, haar glaasje wijn en sigaret en – als klap op de vuurpijl – haar zo vertrouwde huis.

De verhuizing naar het verpleeghuis was de shock die ze altijd zo gevreesd had. En toch is ze juist daar tot berusting gekomen, omdat ze zich met al haar beperkingen veilig voelde in deze overzichtelijke omgeving. De wrok over de kinderjaren in het Jappenkamp, het vroege verlies van haar echtgenoot, de frustratie over haar aftakeling, maar ook haar opstekers en passies: ze doorleefde het allemaal nog een keer en liet het – uiteindelijk – gaan.

En zo kon het gebeuren dat we op een ochtend samen in haar zonovergoten kamer zaten. Zij op bed, bezig aan haar zoveelste koekje die de sigaret had vervangen; ik op de stoel heel dichtbij haar. Ze keek uit over de wand vol foto’s en een stralende mand met hortensia’s en zei: ‘Het is toch zo gek: dan word je geboren, en dan word je groter en groter en ouder, en dan zit je opeens hier – in dit kleine kamertje. Maar ik vind het zo gezellig!’

Haar lichaam kon bijna niet meer, nagenoeg alles had ze losgelaten, maar ze was tevreden. Diezelfde avond liet ze helemaal los, ook ons, haar dierbaren.

Van mijn moeder heb ik geleerd dat niks er écht toe doet, behalve de liefde en aandacht. Voor de kleine dingen, voor anderen en voor jezelf

Die bepaalt hoe tevreden je door het leven gaat. En vooral ook hoe je dat achter je laat.

Al sluiten we er maar al te graag onze ogen voor, afhankelijkheid, aftakeling en kwetsbaarheid komen heus. Bij de een vroeger dan bij de ander. De hamvraag is: hoe leren we zo te leven dat we dat aankunnen? Daar hebben we alle wijsheid bij nodig, lijkt me zo. En daarom koester ik de ervaring van mijn moeder en die van haar hele generatie.

Laten we hen vooral op een voetstuk plaatsen.

 

Tekst: Teus Lebbing, www.abrandnewstory.nl


 

Meer lezen over wat contact met de oudste generatie je kan opleveren? Eerder schreef ik ook: ‘Geen bullshit meer’ en ‘Voor je het weet, verlies je de verbinding’.

 

Of lees mijn interviews met zeventigers, tachtigers en negentigers in de serie ‘Portie veerkracht’:

1 – Louky Blitz: ‘Als ik lief was, hielden mensen van me’

2 – Ron Renooij: ‘Door emoties te lozen, kreeg ik weer lucht om verder te gaan’

3 – Fokke Wijnstra: ‘Van dat strijden ben ik afgekickt’

4 – Carla Benjamins: ‘Ook een stoer mens als ik kan eenzaam zijn’